Verhaal

Een helder verhaal helpt bij het verder invullen van de toespraken, muziek, beelden, rituelen en ook bij de inrichting en aankleding van de zaal. 

“Met elkaar bepalen hoe het programma er uit komt te zien is nog niet zo eenvoudig. Zo veel mensen, zo veel wensen, ervaringen en ideeën. Om een samenhangend programma te maken hebt je een heldere lijn nodig, een rode draad die houvast biedt bij de verschillende keuzes die je gaandeweg allemaal moet maken. Kernvraag daarbij is: met welk gevoel wil je dat de mensen na afloop van de herdenking naar huis gaan? Gaat het om verdriet of troost, om bemoediging, om doorgaan met het leven, om respect? Welke herinneringen aan dierbaren of aan de ramp wil je met elkaar delen? Naarmate de ramp langer geleden is, zal de toon en kleur van de herdenking misschien veranderen en leg je andere accenten in het verhaal. Het is goed om vooraf met elkaar daarover door te praten en de ideeën te vertalen in een klein verhaal.”

Iedereen die meewerkt aan het programma moet het verhaal kennen en daar uitwerking aan geven.

Een verhaal maakt samenhang in keuzes mogelijk en helpt om keuzes uit te leggen wanneer er vragen over zijn. Zo kan het verhaal consequenties hebben voor: 

  • Keuze voor wat betreft inhoud,opzet, vormen volgorde in het programma
  • Keuze van rituelen
  • Vorm, opstelling, indeling en aankleding van de zaal: de sfeer
  • Vorm, opstelling, aankleding van de ontvangstruimte
  • De invulling, vormgeving en uitwerking van de communicatie

Een verhaal maken

Het verhaal voor een herdenking kun je samen formuleren. Het is in elk geval van belang dat iedereen zich het verhaal goed eigen maakt, zodat iedereen hetzelfde resultaat voor ogen heeft. Het is mogelijk om iemand uit te nodigen die kan helpen bij het maken van het verhaal, iemand die gewend is om de vertaalslag te maken. Het is iemand die in staat is om de juiste vragen te stellen,  out of the box te denken, en om de  organisatorische en technische (on)mogelijkheden te zien en daarmee de mogelijk budgettaire consequenties. Misschien is er onder de betrokkenen (of de kring daaromheen) iemand voor wie dit ‘dagelijks werk’ is: een ‘creatief’. Creatieven zijn bijvoorbeeld te vinden in de evenementenbranche, in de literatuur of in de reclame en marketing.

Wat staat er in een verhaal?

Vragen waarop het verhaal een antwoord geeft, kunnen bijvoorbeeld zijn:

  • Welke kernwoorden passen er bij dit moment? (bijvoorbeeld verdriet, hoop, herstel, saamhorigheid, verlangen, onzekerheid, kracht, uitzicht, inspanning om herinnering levend te houden, volgende generaties).
  • Komt daar een thema of kernboodschap uit voort?
  • Welke metaforen / beelden komen bij je op bij dit thema?
  • Met welk gevoel verlaten de mensen straks de zaal? Wat hebben ze dan ervaren?
  • Hoe is bij de herdenking de verhouding tussen individuele deelnemers en de groep als geheel? Ligt de nadruk op het samenzijn, of is daarbinnen ook steeds aandacht voor individuele beleving/handeling?
  • Is het gezien de doelgroep van belang om rekening te houden met diversiteit aan leeftijden, of etnische, culturele of religieuze achtergronden?